De Noord-Limburgse Teutenkamer

Textielteuten

De eerste Teuten waren vooral ketellappers en koperhandelaars die een beperkt startkapitaal nodig hadden.

Vanaf de 17de eeuw is textiel meer en meer het handelsproduct van de Teuten.

In de Nieuwe Tijd nam de vraag naar textiel in de landelijke gebieden toe, onder meer door de stijging van de bevolking en de toename van de koopkracht. Omdat in sommige gebieden een dicht stedelijk netwerk ontbrak, kregen de Teuten de kans om grotere compagnieën op te richten en een stevige ambulante handel in te richten. Terwijl de handel in koperwaren eind 18de, begin 19de eeuw sterk achteruitging, groeide de textielhandel. De oude koperteutencentra van Overpelt en Neerpelt vervielen in die periode, terwijl textielteuten de gemeenten Hamont, Sint-Huibrechts-Lille, Kleine-Bregel en Eksel in de 19de eeuw een nieuwe bloei bezorgden.

Holland, het noorden van Nederland, het Duitse Rijngebied, de Ardennen, Lotharingen en ook Vlaanderen werden vanaf de 17de eeuw door Teuten bezocht. Soms trok men zelfs naar Pruisen of Scandinavië.

De organisatie van de handel in Holland en in Duitse gewesten onderscheidde zich duidelijk. Het netwerk van herbergen dat door de Teuten in de Duitse gewesten werd opgezet, diende als uitvalsbasis voor de ambulante handel in het Teutengebied van de compagnie. Vaak huwden Teuten er ook met een plaatselijke (meestal katholieke) partner.

In Holland voerde men aanvankelijk producten aan vanuit de eigen streek, naar (tussen)depots en uiteindelijk eigen pakhuizen. Hoe verder men moest opereren, hoe noodzakelijker de oprichting van depots (een huis of schuur of eventueel een kamer) werd. In Holland waren herbergen als uitvalsbasis van handel bijna onbekend. Circa 1750 zijn er de eerste vermeldingen van pakhuizen van Teuten uit Kaulille en Hamont. In deze pakhuizen of ‘winkels’ lagen de stoffen per soort in open kasten opgestapeld, van waaruit de Teut zijn bestellingen sorteerde, de juiste maat afnam en deze bij een volgend bezoek verpakt aan zijn klant afleverde.

 

Winkelpand van de Comp. Rijcken
in Abbenbroek (ca. 1850)

Teutenwinkel in Gouda van Comp. Claassen

Teutenwinkel in Hamelen van Comp. Claassen.